20-12-08

Werkgroep Morkhoven: Vandeurzen en de zaak Fortis


handhoofd.vandeurzen.imageshand.kin.Vandeurzenkop.Vandeurzen.art_large_339674 patientenrechtenenmensenrechtenbestaannietinAZSint-JanteBrugge

De Werkgroep Morkhoven is het helemaal niet eens met de gewezen justitieminister Vandeurzen die de schuld van zijn falend justitiebeleid en de regeringscrisis uitsluitend bij de magistratuur legt.

In de zaak Fortis is het duidelijk dat de regering het vonnis van de rechter naast zich heeft neergelegd en men zelfs zover ging om druk uit te oefenen op de rechters terwijl men het steeds over de 'scheiding der machten' heeft.

Het was de Werkgroep Morkhoven reeds lang opgevallen dat Vandeurzen zijn boekje en zijn bevoegdheid als minister ver te buiten ging.
De Werkgroep schreef Vandeurzen destijds over de door de Hoge Raad van Justitie bevestigde verdwijningen van de ontlastende dossierstukken uit het strafdossier van Morkhoven-activist Marcel Vervloesem en over de verdwijningen van de 7 kinderporno-cd-roms uit de kinderpornozaak Zandvoort op de gerechtshoven te Turnhout en te Antwerpen. De 7 kinderporno-cd-roms werden in 1998 door de Werkgroep Morkhoven aan het Belgische Koningshuis overhandigd en de Koning liet de Werkgroep weten dat hij de cd-roms via de toenmalige justitieminister Tony Van Parys (CD&V, Commissie Justitie Senaat) aan procureur-generaal Christine Dekkers van het hof van beroep te Antwerpen 'voor onderzoek' had laten overmaken.

In zijn antwoord van 7.4.2008 deelde Vandeurzen mede dat 'het grondwettelijk principe de Minister van Justitie niet toestaat op gelijk welke wijze tussen te komen in gerechtelijke procedures die uitsluitend tot de bevoegdheid van de rechterlijke macht behoren'. De minister voegde eraan toe dat hij 'evenwel een kopie van het schrijven aan de heer Procureur-Generaal bij het Hof van Beroep te Antwerpen overmaakte'.
Nu is het echter zo dat de door de Hoge Raad voor de Justitie vastgestelde verdwijningen van gerechtelijke stukken uit een strafdossier en van kinderporno-cd-roms uit een gerechtelijk dossier, helemaal niets met de 'gerechtelijke procedures' hebben te maken maar tot de werking van justitie behoort waarvoor de justitieminister verantwoordelijk is. Vandeurzen nam in deze zaak met andere woorden zijn politieke verantwoordelijkheid niet op en het wekt geen verbazing dat de Werkgroep over de diefstallen en/of verdwijningen niets meer vernam. De procureur-generaal van het hof van beroep te Antwerpen zal ook wel niet geneigd geweest zijn om een onderzoek naar de eigen diefstallen te laten uitvoeren.

Op 30 mei 2008 vroeg Morkhoven-voorzitter Jan Boeykens in een aangetekende brief (met rode antwoordkaart) opnieuw aan Vandeurzen hoe het nu eigenlijk zat met deze verdwijningen en of de minister geen onderzoek zou laten instellen. Doordat hij na enkele maanden geen antwoord kreeg, telefoneerde Jan Boeykens naar het kabinet van Vandeurzen alwaar de dossierverantwoordelijke hem zei dat de 'brief waarschijnlijk bij de kabinetschef was blijven liggen'. Na herhaaldelijk aandringen beloofde een andere kaninetsmedewerker dat men de brief 'zou beäntwoorden' maar Jan Boeykens wacht nog altijd op het beloofde antwoord.

Gezien de Hoge Raad voor de Justitie de verdwijningen en/of diefstallen vaststelde en er verder niets mee gebeurde, schreef de Werkgroep ook naar het College van Procureurs-Generaal te Brussel.
Sophie Morel, Adjunct-Adviseur van het College, deelde in haar antwoord van 16.7.2008 aan de heer Mertens van de Werkgroep mede dat het College van Procureurs-generaal 'niet bevoegd is om eventuele klachten te behandelen' en liet weten dat de brieven in deze zaak 'naar de Procureur-generaal van het ressort te Antwerpen werden doorgestuurd'.

Doordat Vandeurzen zijn politieke verantwoordelijkheid in deze zaak weigerde op te nemen en doordat noch het hof van beroep te Antwerpen, noch het hof van Cassatie rekening hielden met de door de Hoge Raad voor de Justitie tevens vastgestelde verdwijningen, werd Marcel Vervloesem op basis van een onvolledig dossier, tot vier jaar gevangenisstraf veroordeeld en takelt hij nu verder af in het medisch centrum van de gevangenis te Brugge.

Opmerkelijk in deze zaak is dat men Marcel Vervloesem na zijn 5de dorst-en hongerstakingsdag in de gevangenis van Turnhout, naar het Sint-Elisabethziekenhuis te Turnhout wilde voeren maar dat Vandeurzen en/of zijn kabinetsmedewerkers er toen met een telefoontje voor zorgden dat Marcel Vervloesem in een onverluchte isoleercel van de gevangenis te Brugge werd opgesloten alwaar hij een maand lang geen enkel contact mocht hebben met zijn medegevangenen en aan een streng tuchtregime onderworpen werd (beperkt bezoek, geen recht op briefwisseling, geen mogelijkheid om de cel te verlaten of zijn advocaten op een behoorlijke wijze te spreken enz.).
Het 'grondwettelijk principe dat de Minister van Justitie niet toestaat op gelijk welke wijze tussen te komen in gerechtelijke procedures die uitsluitend tot de bevoegdheid van de rechterlijke macht behoren' had Vandeurzen er blijkbaar niet van kunnen weerhouden om met de gevangenisdirectie van Brugge te beslissen dat Marcel Vervloesem gedurende een maand bijna totaal afgezonderd moest worden. Bovendien kreeg Marcel Vervloesem, ook na de stopzetting van zijn hongerstaking, elke medische verzorging ontzegd waardoor hij enkele keren met spoed in het ziekenhuis moest opgenomen worden en hij op enkele maanden tijd aftakelde tot een lichamelijk wrak dat, mogelijks in opdracht van Vandeurzen, tot stervens toe in de 'overbevolkte' gevangenissen moet gehouden worden.

Een korte week geleden was er dan de vrijlating van de vermoedelijke moordenaar van een politieagente waarin Vandeurzen en de gevangenisdirectie zich mengden. Vandeurzen sprak toen over 'fraude', over een 'zwarte dag voor justitie', een 'onvergeeflijke fout van de magistratuur', zijn 'demissionering als minister van justitie' enz. Kortom, Vandeurzen trok alle klassieke registers open om aan de zware kritiek over zijn onaanvaardbaar optreden te ontsnappen. En die strategie werkte want zowel de regerings- als de oppositiepartijen gaven de minister gelijk.
Na de opgevoerde comedie rond de eerste gangster volgde er nog een bericht over de vrijlating van een andere gangster te Turnhout waarbij Vandeurzen opnieuw kritiek leverde op de magistratuur en hij benadrukte dat 'deze maatschappij tegen misdadigers moet beschermd worden'. Over 'politieke misdadigers' sprak Vandeurzen niet...

De zaak Fortis was echter de druppel die de emmer deed overlopen maar opnieuw waste Vandeurzen die op de 'onvoorwaardelijke steun' van zijn christen-democratische partijgenoten kan rekenen, zijn handen in onschuld. 'De geschiedenis zal uitwijzen in hoeverre de magistratuur verantwoordelijk is geweest voor deze regeringscrisis', aldus Vandeurzen die op een nieuwe ministerpost mikt en geen kans laat voorbijgaan om geloofwaardig over te komen.


Werkgroep Morkhoven vzw-asbl
Faiderstraat 10
1060 Sint-Gillis
nr. 443.439.55
Tel: 0032 (0)2 537 49 97
WerkgroepMorkhoven@gmail.com, postmaster@droitfondamental.eu, issakaba@skynet.be

http://groups.msn.com/WerkgroepMorkhoven
http://werkgroep-morkhoven.skynetblogs.be/
http://www.droitfondamental.eu/

------

Schrijf naar Marcel Vervloesem die onschuldig vastzit en die, zoals duizenden andere gevangenen en hun familieleden, in de steek wordt gelaten:

Gevangenis Brugge
t.a.v. Marcel Vervloesem - Medisch Centrum - Kamer 6.104
Legeweg 200
8200 Sint-Andries - Brugge (België-Belgique)
Tel: 050 45 71 11 - Fax: 050 45 71 89
Europe: Tel: 0032 50 45 71 11 - Fax: 0032 50 45 71 89

Commentaren

Fortis-Suez-Electrabel
De Fortis-zaak is van dezelfde orde als de Suez-Electrabel zaak. Een uitverkoop omwille van persoonlijke en politieke financiële belangen dus...

----------

Het bod van Suez

Op 9 augustus kondigde de Franse nutsgroep Suez aan een bod te zullen doen van 11,4 miljard euro op 49,92 procent van de aandelen van de Belgische elektriciteitsproducent Electrabel. Momenteel produceert Electrabel 75 procent van de in België verbruikte elektriciteit. Electrabel boert financieel bijzonder goed: met een winstmarge van niet minder dan 22 procent steekt Electrabel met kop en schouders uit boven de elektriciteitsproducenten in onze buurlanden, die slechts 6 procent behalen. Tijdens het eerste semester van 2005 steeg de winst van Electrabel met niet minder dan 70,6 procent tot 1,25 miljard euro. Dit verklaart voor een groot stuk waarom onze elektriciteit zo duur betaald wordt en waarom Electrabel een zeer gegeerde bruid is.

Suez bezit reeds 50,08 procent van de Electrabel-aandelen. Suez wil voor elk Electrabel-aandeel zo’n 410 euro bieden, bestaande uit 4 Suez-aandelen en 322 euro in contanten (op 8 september verhoogd tot 323,56 euro omdat Suez een kapitaalsverhoging van 2,4 miljard euro plant om de overname te financieren). Geschat wordt dat de overname Suez tegen 2008 jaarlijks zo’n 350 miljoen euro aan synergievoordelen (groepsaankopen, kostenbesparing, fiscale en financiële voordelen enz.) zal opleveren plus een hogere winst per aandeel. Het verwezenlijken van die synergie brengt wel een eenmalige reorganisatiekost van 110 miljoen euro met zich mee.

Eigenlijk wou Suez zijn bod pas in september lanceren. Door de recente stijging van de koers van Electrabel zag Suez zich evenwel genoodzaakt zijn plannen vroeger bekend te maken. Langer wachten zou Suez immers duurder uitkomen. Daarnaast had ook de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen (CBFA) – d.i. de vroegere Bankcommissie – al een onderzoek geopend i.v.m. de koersevolutie van Electrabel.

Na de operatie zal Suez goed zijn voor een marktkapitalisatie van meer dan 27 miljard euro, waarmee het op de Europese energiemarkt de vierde plaats zal bekleden. Inzake productiecapaciteit en energieverkoop zal Suez de derde sterkste groep in Europa zijn.

De groep Suez (de huidige naam wordt pas sinds 2001 gebruikt) kwam in 1997 tot stand onder de naam “Suez Lyonnaise des Eaux” als samenvoeging van de holding Groupe Suez en de watergroep (met ook afval- en kabelactiviteiten) Lyonnaise des Eaux. Suez had in 1988 door het nemen van een meerderheidsparticipatie in de Generale Maatschappij meteen ook de controle verworven van de Belgische energiegroep Tractebel. Eén van de grootaandeelhouders van Suez is de Waalse financier Albert Frère.

Suez diende zijn bod in bij de CBFA, die Electrabel op de hoogte bracht. Normaliter had de Raad van Bestuur van Electrabel dan vijf dagen de tijd om een advies te formuleren, dat aan de prospectus wordt toegevoegd. Omwille van de complexiteit van de toestand verleende de CBFA aan de Raad van Bestuur van Electrabel een termijnverlenging voor het uitbrengen van zijn advies. Op 24 augustus bracht de Raad van Bestuur van Electrabel een gunstig advies uit. Op één onthouding na (Luc Hujoel – één van de twee vertegenwoordigers van de gemeenten – de andere, VLD’er Geert Versnick, stemde voor, “niet gemachtigd door de gemeenten, maar uit eigen naam”) werd de beslissing unaniem genomen door de 18-koppige Raad van Bestuur, waarin Suez acht leden heeft.

Aanvankelijk werd verwacht dat het bod zou lopen gedurende twintig werkdagen, te beginnen op 29 september. De CBFA besliste echter op 22 september de prospectus (152 blz., te raadplegen via www.suez.com) goed te keuren én dat het bod zal lopen van 10 oktober tot 7 november. In de prospectus werden op vraag van de CBFA de waarborgen opgenomen die Suez aan premier Verhofstadt had gegeven, alsook de vier zgn. fairness opinions, dit zijn de beoordelingen van het bod door vier “onafhankelijke deskundigen” (twee op verzoek van Suez en twee op verzoek van Electrabel). Deze toetsing “maakt de aandeelhouders van Electrabel niet veel wijzer”, vindt redacteur economie Pascal Sertyn. “De vier zakenbanken hebben – zelfs woordelijk – zeer gelijkluidende adviezen afgeleverd.” (“De Standaard”, 27 september)

De ontkoppeling van de goedkeuring van de prospectus en de start van het bod is zeer uitzonderlijk. De CBFA deed dit om de intercommunales en gemeenten meer tijd te gunnen om hun houding te bepalen en een beslissing te nemen. De samenroeping van de bevoegde organen van de intercommunales en van de gemeenteraden is immers aan wettelijke termijnen en procedures gebonden. De CBFA voegde eraan toe dat de intercommunales en gemeenten ook de mogelijkheid hebben in te gaan op het bod onder de opschortende voorwaarde dat de voogdijoverheid akkoord gaat. Indien Suez na afloop van het bod 90 procent van de aandelen verworven heeft, moet het zijn bod op Electrabel heropenen.

Uit de prospectus blijkt dat Suez niet speculeert op het geheel of gedeeltelijk herroepen van het Belgische uitstapscenario uit de kernenergie. Dit scenario, dat onder de paars-groene regering Verhofstadt I werd goedgekeurd, houdt in dat de zeven kerncentrales in België (4 in Doel en 3 in Tihange) tussen 2015 en 2025 geleidelijk aan worden gesloten, nl. 40 jaar na de ingebruikname van de reactor. Suez stelt dit dus niet in vraag en wijst er op dat het langer openhouden bijkomende kosten en investeringen voor de veiligheid en efficiëntie zou vergen. Echt verwonderlijk is dat niet, aangezien Suez één miljard euro wil investeren in bijkomende productiecapaciteit – waaronder een nieuwe kerncentrale – in Frankrijk…

Gepost door: Joost | 26-12-08

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.